De Civiele Verdedigingsvoorbereiding in Nederland
Wat is “Civiele Verdediging”?
Civiele verdediging is een geheel van niet-militaire maatregelen die gericht
zijn op het voortzetten en in stand houden van de samenleving in geval van oorlog
of omstandigheden die daarmee verband houden.
Misverstanden
Civiele verdediging is een begrip dat aanleiding geeft tot hardnekkige misverstanden.
Een voorbeeld: vele mensen denken dat het een militaire aangelegenheid is. Een
onjuiste gedachte. Civiele verdediging – de naam zegt het eigenlijk al
– is een zaak van en voor de burger, een werk met een duidelijk humanitair
karakter.
Een ander misverstand: civiele verdediging is hetzelfde als de Organisatie Bescherming
Bevolking (BB). Echter de Bescherming Bevolking is een onderdeel – een
zeer belangrijk onderdeel – van de civiele verdediging.
Moeilijk begrip
De taak van de civiele verdediging is – in tijd van vrede – het
voorbereiden van een aantal maatregelen en voorzieningen, om er in benarde tijden
gebruik van te maken. Doel daarvan: de instandhouding van de samenleving in
zo’n moeilijke tijd. Die samenleving is buitengewoon ingewikkeld met al
haar sociale, politieke en economische problemen. Daarom vraagt die instandhouding
de voorbereiding van een serie omvangrijke maatregelen. En dat is juist zo moeilijk
in ons land. Bij vele Nederlanders bestaat ( een wel begrijpelijke) weerstand
om hierover te praten en ook om erover na te denken. Wie wil in een tijd van
vrede en welvaart stil staan bij het treffen van voorzieningen voor iets waarvan
men hartgrondig hoopt dat het nooit zal gebeuren? En toch zullen die voorbereidingen
getroffen moeten worden!
Regeringsbeleid 1979
Het beleid voor civiel verdediging is weergegeven in de nota Civiele Verdediging
1974. Hierin staat dat het noodzakelijk is blijvend aandacht te schenken aan
de voorbereiding van de civiele verdediging. De nota geeft verder aan hoe de
uitbouw van de civiele verdediging zal moeten geschieden. Een aantal projecten
zal in de komende twintig jaar met voorrang moeten worden uitgevoerd. Enkele
in de nota genoemde voorbeelden zijn: havenvoorzieningen, de aanschaf van uitrusting
voor mobiele chirurgische teams, het bouwen van schuilgelegenheden en het aanscaffen
van materiaal voor het blussen van branden, het redden van mensen en het verschaffen
van geneeskundige hulp. De regering is van mening dat – ondanks het streven
naar matiging van de rijksuitgaven – de mogelijkheid tot uitvoering van
deze projecten, aangepast aan nieuwe inzichten, op een enigszins redelijk peil
moet worden voortgezet.
Staf voor de Civiele Verdediging
Een afzonderlijke organisatie voor de civiele verdediging bestaat er niet in
ons land. Alle overheidsorganen met elkaar, het bedrijfsleven en particuliere
organisaties en instellingen zorgen voor de civiele verdedigingsvoorbereidingen.
Daarbij hebben de rijksoverheden, de provincies, de gemeenten en het bedrijfsleven
ieder een eigen taak. De coördinatie berust bij de minister van Binnenlandse
Zaken. De werkzaamheden zijn opgedragen aan de Staf voor de Civiele Verdediging.
Overlevingskansen
Alle voorbereidingen die worden getroffen zijn nodig om de overlevingskansen
– van ons allemaal – zo groot mogelijk te maken. Men moet er daarbij
op bedacht zijn wat de burgerbevolking in buitengewone omstandigheden allemaal
kan overkomen. Op grond van deze gedachtegang kan men prioriteiten stellen.
We staan vrij machteloos als er op uitgebreide schaal nucleaire wapens worden
gebruikt. Maar tegen bepaalde vormen van agressie kunnen we ons wél beschermen.
En bij een oorlog die voornamelijk met conventionele wapens wordt gevoerd kan
er op het gebied van de civiele verdediging wel degelijk veel gedaan worden.
Bij het treffen van civiele verdedigingsvoorbereidingen gaat men er van uit,
dat elk maatschappelijk bestel beschikt over krachten, die ‘iets’
kunnen afweren of incasseren. Zoals de mens van nature beschikt over afweerkrachten
tegen ziektekiemen, zo beschikt de maatschappij in het dagelijks leven over
‘natuurlijke’ middelen om ongemakken en rampen te bestrijden. Middelen
zoals politie, brandweer, geneeskundige diensten en waterschappen, om zich te
verweren tegen wanorde, misdaad, brand, ongevallen, wateroverlast en dergelijke.
Bij calamiteiten in vredestijd wordt overigens vaak om materiële en personele
steun gevraagd aan de krijgsmacht. Een organisatie die eveneens, maar in beperkte
mate, bij calamiteiten in staat van paraatheid kan worden gebracht is de Bescherming
Bevolking.
Bescherming Bevolking
De BB wordt zonodig en indien mogelijk ook in vredestijd ingeschakeld bij ongevallen
en rampen, als met de bestrijding ervan langere tijd gemoeid is. De BB bestaat
namelijk in grote meerderheid uit personen die een normale functie in het maatschappelijk
leven vervullen en slechts na mobilisatie beschikbaar zijn. De BB is een burgerlijke
organisatie en staat onder bestuurlijke gezagsdragers, waaronder in eerste instantie
de burgemeesters. De gemeenten in ons land zijn – met uitzondering van
Amsterdam, Dordrecht en Texel – in onderlinge verbanden, Kringen genaamd,
ondergebracht. Ons land telt thans drieënveertig kringen en drie zelfstandige
gemeenten.
Zelfbescherming en schuilgelegenheden
Als er oorlogsgevaar dreigt zal de overheid aanwijzingen geven voor de individuele
zelfbescherming, de manier dus waarop elke burger zichzelf het beste in eigen
huis kan beschermen.
Het belangrijkste is natuurlijk de mogelijkheid tot schuilen. Sedert 1968 is
bij nieuwbouw van etagewoningen hierin voorzien door in de onderbouw een schuilgelegenheid
te bouwen. Zij, die geen bescherming in of nabij hun woning kunnen vinden, zijn
aangewezen op openbare schuilgelegenheden. In een aantal grote bouwwerken, zoals
parkeergarages en metrostations, zijn extra schuilvoorzieningen getroffen. Ook
andere grote gebouwen kunnen daarvoor geschikt worden gemaakt.
Bedrijfszelfbescherming
Bij calamiteiten in oorlogstijd, moet de BZB (bedrijfszelfbescherming) voorzieningen
treffen voor de bescherming van het aanwezige personeel. Onder de werknemers
van het bedrijf worden daartoe vrijwilligers geworven. Zij vormen dan één
of meer ploegen voor brandbestrijding, redding en eerste hulp, na daarvoor opgeleid
en door oefening op hun taak voorbereid te zijn.
Vervoer te land, ter zee
en in de lucht
In oorlogsomstandigheden zal het vervoer te land, ter zee en in de lucht zo
goed mogelijk in stand worden gehouden. De beschikbare vervoermiddelen moeten
zo doelmatig mogelijk gebruikt worden. De treinen zullen zo lang mogelijk moeten
blijven rijden.
Grote voorraden noodzakelijke herstelmaterialen zijn gevormd en verspreid opgeslagen,
evenals een aantal mobile noodaggregaten.
Onze zeehavens zijn uiteraard kwetsbaar. Indien nodig zullen er noodankerplaatsen
worden ingericht. De voorbereidingen die door de zeescheepvaart zijn gemaakt,
dragen een internationaal karakter. Er komt dan een gemeenschappelijke ‘pool’
van het grootste gedeelte van de nationale koopvaardijvloten van de NAVO-landen.
Water: vriend en vijand
Het water is altijd zowel onze vriend als vijand geweest. Rijkswaterstaat zorgt
onder normale omstandigheden dat de Nederlandse bevolking beschermd wordt tegen
het water.
De civiele verdedigingsvoorbereiding in deze sector richt zich op die dreigingen,
waar de normale waterstaatzorg niet in voorziet. Daarom zijn er reeds in vredestijd
maatregelen getroffen om de gevolgen te voorkomen, te beperken en te bestrijden,
die ontstaan kunnen na beschadiging en belemmeringen in het gebruik van waterstaatwerken
door oorlogshandelingen.
Goederen- en energievoorziening
Ons land is voor zijn goederenvoorziening voor en groot deel afhankelijk van
de aanvoer van grondstoffen van overzee. Als die aanvoer geheel of gedeeltelijk
stagneert, zullen er maatregelen moeten worden getroffen om het verbruik van
grondstoffen aan banden te leggen. Die beperkingen zullen niet alleen betrekking
hebben op het verbruik van producten, maar ook op het energieverbruik.
Dit betekent: distributiemaatregelen.
Voor de verdeling van grondstoffen, halffabrikaten en eindproducten voor de
industrie, handel en eindverbruikers zullen rijksbureaus worden opgericht.
Voedselproductie en voedselvoorziening
Ook in benarde tijden zal ons land een voldoende voedselproductie proberen te
handhaven. Dat vereist dan vele maatregelen, ook in internationaal verband.
Voorzieningen voor rampsituaties zijn er ook: noodvoorraden biscuits en zuigelingenvoedsel
en noodkeukens voor de bereiding van warme maaltijden zijn beschikbaar. Voor
een billijke verdeling van consumentengoederen over de bevolking zullen distributiekantoren
onder leiding van een Centraal Rantsoenerings Bureau gaan functioneren.
Gezondheidszorg
Helaas zal er onder oorlogsomstandigheden rekening moeten worden gehouden met
grote aantallen gewonden. Met de ziekenhuizen is overeengekomen, dat in buitengewone
omstandigheden de helft van de nu beschikbare 70.000 bedden in Nederland zal
worden vrijgemaakt. De ziekenhuiscapaciteit zal dan nog verder worden uitgebreid
met 20.000 bedden met alle toebehoren en bijbehorende medische hulpmiddelen.
Voor de nabehandeling zal de opnamecapaciteit van 170 verpleeghuizen en dergelijke
worden uitgebreid door het bijplaatsen van ca. 7000 bedden met toebehoren. Ten
slotte is er nog het noodbeddenplan met 30.000 bedden voor het opnemen van oorlogsslachtoffers
voor wie opname en behandeling in ziekenhuizen onder de heersende omstandigheden
nog niet mogelijk is. Verder zijn er nog een aantal andere maatregelen getroffen
op dit terrein: hospitalisatiestreekplannen, de inzet van geneeskundigen en
chirurgen, de bestrijding van besmettelijke ziekten, de drinkwatervoorziening
enzovoort.
Ten slotte
Er zijn nog veel meer civiele verdedigingsvoorbereidingen in ons land op te
noemen.
Laten we goed beseffen dat al die voorbereidingen alleen worden getroffen om
onze samenleving in stand te houden. Wij moeten ons voorbereiden op eventuele
benarde tijden. Civiele Verdediging is ten slotte een zaak om het leven te behouden
in tijden van rampspoed.
Uitgave
Afdeling Voorlichting ministerie van Binnenlandse Zaken
Mei 1979